ECLI:NL:HR:2010:BL1124
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling tussentijds bevestigd door Hoge Raad
Verzoeker tot cassatie was onderworpen aan een schuldsaneringsregeling die definitief was uitgesproken door de rechtbank Amsterdam in 2007, met benoeming van een bewindvoerder en rechter-commissaris. Na een tussenvonnis in maart 2009 heeft de rechtbank bij eindvonnis van mei 2009 de toepassing van de schuldsaneringsregeling tussentijds beëindigd.
Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in bij het gerechtshof Amsterdam, dat het tussentijds beëindigen van de regeling in augustus 2009 bekrachtigde. Vervolgens richtte verzoeker zich tot de Hoge Raad met een beroep in cassatie.
De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en wijst het beroep af zonder nadere motivering, mede op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. Hiermee blijft de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling.