ECLI:NL:HR:2010:BM6845
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring wegens onvoldoende bewijs van beschadiging BMW-auto
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd bewezenverklaard dat hij op 3 maart 2007 in Amsterdam opzettelijk en wederrechtelijk een personenauto van het merk BMW, toebehorende aan een derde, had beschadigd door deze te bespuiten met een bijtende vloeistof.
Het hof baseerde zijn bewezenverklaring op een proces-verbaal met een verklaring van een getuige die melding maakte van schade aan de auto en camerabeelden waarop verdachte te zien was bij de auto. Verdachte erkende op de beelden zichzelf te zien lopen naar zijn auto.
De Hoge Raad oordeelt dat uit de bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat de beschadigde auto daadwerkelijk toebehoorde aan de genoemde derde noch dat het een BMW betrof. Hierdoor is het bewezenverklaarde onvoldoende onderbouwd. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof Amsterdam voor een nieuwe beoordeling in hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.