ECLI:NL:HR:2010:BN5617
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt recht op verkoopwaarde bij brandverzekering ondanks algemene voorwaarden en taxatieclausule
In deze zaak stond de vraag centraal of de verzekerden recht hadden op vergoeding van de herbouwwaarde of de verkoopwaarde van hun bedrijfspand na brand. De verzekeraar, Bovemij N.V., stelde zich op het standpunt dat de polis en de algemene voorwaarden de herbouwwaarde als uitgangspunt namen, mede door een taxatieclausule op het polisblad.
De feiten en eerdere rechtelijke uitspraken, waaronder vonnissen en arresten van de rechtbank Arnhem en het gerechtshof Arnhem, vormden de basis voor het cassatieberoep. De Hoge Raad heeft de klachten van de verzekerden onderzocht, maar oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. De Hoge Raad zag geen aanleiding om af te wijken van de eerdere rechtspraak en bevestigde dat de verzekerden aanspraak konden maken op de verkoopwaarde.
De advocaat-generaal had reeds geconcludeerd tot verwerping van het beroep, en de Hoge Raad volgde dit advies. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een vierde raadsheer. De Hoge Raad veroordeelde de verzekerden tevens in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd.