ECLI:NL:HR:2010:BN8465
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Vermindering geldboetes wegens overschrijding redelijke termijn bij milieuovertreding door overlopen tank
De zaak betreft een milieuovertreding waarbij een tank met drijvend dak nummer 1201 bij het lossen van gasolie op 13 februari 2004 in Rotterdam is overgelopen. De verdachte werd verweten in strijd te hebben gehandeld met diverse vergunningvoorschriften, waaronder het ontbreken van een goed werkende onafhankelijke niveaubeveiliging en het niet lekvrij lossen van het zeeschip.
Het hof verklaarde de verdachte schuldig op basis van verklaringen van betrokken medewerkers, politieprocessen-verbaal, vergunningsteksten en een onderzoeksrapport over het incident. De Hoge Raad oordeelde dat de uitleg van het vergunningsvoorschrift een feitelijke aangelegenheid is, waardoor nieuwe feiten in cassatie niet kunnen worden ingebracht. De stelling dat niet in strijd is gehandeld met het voorschrift faalde dan ook.
Wel stelde de Hoge Raad vast dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden door vertraging in de cassatiefase. Dit leidde tot vermindering van de opgelegde geldboetes. De overige middelen van cassatie werden verworpen, en de uitspraak van het hof werd in zoverre bekrachtigd.
Uitkomst: Geldboetes wegens milieuovertreding verminderd wegens overschrijding redelijke termijn, overige beroepen verworpen.