ECLI:NL:HR:2010:BO1628
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding wegens ontbreken uitreiking aan feitelijke woonplaats verdachte
In deze cassatieprocedure heeft de Hoge Raad het arrest van het Gerechtshof Amsterdam vernietigd waarin de dagvaarding in hoger beroep als rechtsgeldig werd beschouwd. De zaak betreft de vraag of de dagvaarding op correcte wijze is betekend aan de verdachte, die een afwijkend adres had opgegeven dan het adres in de Basisregistratie Personen (GBA).
De stukken tonen aan dat de dagvaarding niet is uitgereikt aan het adres dat verdachte bij de behandeling in feitelijke aanleg had opgegeven, maar slechts aan het GBA-adres en vervolgens aan de griffier van de rechtbank, omdat geen woon- of verblijfplaats bekend was. Volgens artikel 588 Sv Pro moet eerst worden geprobeerd de dagvaarding uit te reiken aan een redelijkerwijs als woonadres aan te merken adres, zoals het door verdachte opgegeven adres.
Omdat het hof niet aannemelijk heeft gemaakt dat deze poging is gedaan, is de dagvaarding niet rechtsgeldig betekend. De Hoge Raad verklaart daarom de dagvaarding nietig en vernietigt het bestreden arrest. Dit arrest benadrukt het belang van correcte betekening en de bescherming van het recht op een eerlijk proces.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig en vernietigt het arrest van het hof.