ECLI:NL:HR:2011:BO5254
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling leerplicht wegens andere gewichtige omstandigheden niet toetsbaar door strafrechter
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd veroordeeld wegens het niet voldoen aan de leerplichtwet voor zijn minderjarige kinderen tijdens een buitenlandse reis. Verdachte had voorafgaand aan de reis een verzoek tot vrijstelling van de leerplicht ingediend bij de leerplichtambtenaar, dat was afgewezen.
De verdediging voerde aan dat sprake was van andere gewichtige omstandigheden die vrijstelling rechtvaardigen en betoogde dat de materiële wederrechtelijkheid ontbrak. Het hof oordeelde echter dat de beoordeling van dergelijke vrijstellingen exclusief toekomt aan het bestuursorgaan en niet aan de strafrechter. De strafrechter hoeft slechts te toetsen of verlof is verleend door het bevoegde bestuursorgaan.
De Hoge Raad bevestigt deze lijn en verwijst naar eerdere jurisprudentie. De strafrechter kan niet zelfstandig beoordelen of er sprake is van andere gewichtige omstandigheden die vrijstelling rechtvaardigen. Het cassatieberoep wordt verworpen omdat het hof het juiste beoordelingskader heeft toegepast en de klachten niet slagen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de strafrechter niet zelfstandig vrijstelling van leerplicht kan toetsen.