ECLI:NL:HR:2011:BP1284
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende bewijsmotivering bij sigarettensmokkelzaak
De zaak betreft een strafzaak tegen verdachte die wordt verdacht van het in vereniging voorhanden hebben van meer dan 4 miljoen sigaretten die niet overeenkomstig de accijnswet waren betrokken, en het onjuist doen van een invoeraangifte. Het hof had een verkort arrest gewezen met een bewijsredenering die niet volledig verwees naar de wettige bewijsmiddelen, en gaf een aanvulling op het verkorte arrest die niet voldeed aan de wettelijke eisen van art. 359 lid 3 Sv Pro.
De feiten betreffen onder meer de vondst van een container met buizen en sigaretten in Heerde, het lossen van dozen met sigaretten, verklaringen van betrokkenen en tapgesprekken waaruit blijkt dat verdachte wist van de aanwezigheid van sigaretten en betrokken was bij de organisatie van het lossen en inklaring. Het hof achtte bewezen dat verdachte wist dat de lading ook sigaretten bevatte en dat de invoeraangifte onjuist was.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet de promismethode toepaste en dat de aanvulling op het verkorte arrest niet de wettelijk vereiste bewijsmiddelen bevatte, waardoor de bewijsmotivering tekortschiet. Daarom wordt het arrest vernietigd en wordt de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en beslissing op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het Gerechtshof Arnhem wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijsmotivering en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.