ECLI:NL:HR:2011:BP4800
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- C.E. Drion
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens overschrijding termijn levensonderhoudsverplichting
Verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem waarin het hof op hoger beroep de beschikking van de rechtbank Almelo vernietigde en het LBIO verlof verleende tot gedeeltelijke tenuitvoerlegging van een in de Verenigde Staten gewezen vonnis tot levensonderhoud.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep aan de hand van art. 990 Rv Pro., dat een termijn van een maand na de dag van de beschikking van het hof voorschrijft. Omdat verzoeker het cassatieberoep te laat had ingediend, werd het principaal beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Gevolg hiervan was dat ook het incidenteel cassatieberoep van het LBIO niet-ontvankelijk moest worden verklaard. De conclusie van de Advocaat-Generaal tot niet-ontvankelijkverklaring werd gevolgd.
De Hoge Raad bevestigde hiermee het belang van strikte naleving van de cassatietermijn en de toepasselijkheid van art. 990 Rv Pro. ook in zaken met internationale aspecten zoals de tenuitvoerlegging van buitenlandse vonnissen tot levensonderhoud.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoeker en het incidenteel cassatieberoep van het LBIO werden niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de cassatietermijn.