ECLI:NL:HR:2011:BQ4221

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 juli 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/04980
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 33 SrArt. 36 SrArt. 2 Opiumwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt verbeurdverklaring en onttrekking aan verkeer wegens onvoldoende motivering

In deze strafzaak stond de verbeurdverklaring en onttrekking aan het verkeer van diverse inbeslaggenomen voorwerpen centraal, die volgens het hof gebruikt waren bij het plegen of voorbereiden van een cocaïne-invoer.

De verdachte werd ervan verdacht op 14 november 2008 ongeveer 17,993 gram cocaïne binnen Nederland te hebben gebracht. Het hof verklaarde meerdere voorwerpen verbeurd en onttrok een koffer aan het verkeer, omdat het bezit daarvan in strijd zou zijn met de wet of het algemeen belang.

De Hoge Raad oordeelde dat het hof zijn oordeel over de verbeurdverklaring van twee notitieblokken onvoldoende had gemotiveerd en niet duidelijk had gemaakt dat dit oordeel op het onderzoek ter terechtzitting was gebaseerd. Daarnaast ontbrak een begrijpelijke motivering voor de onttrekking aan het verkeer van de koffer.

Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof Amsterdam voor een nieuwe berechting en beslissing. De overige middelen behoefden geen bespreking.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug wegens onvoldoende motivering van verbeurdverklaring en onttrekking aan het verkeer.

Uitspraak

12 juli 2011
Strafkamer
nr. 09/04980
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 4 december 2009, nummer 23/001359-09, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Noord-Holland Noord, locatie Westlinge" te Heerhugowaard.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. B.P. de Boer en mr. M. van Delft, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het vierde en het vijfde middel
2.1. De middelen komen op tegen de verbeurdverklaring en de onttrekking aan het verkeer van een aantal van de op de beslaglijst genoemde voorwerpen.
2.2. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:
"hij op l4 november 2008 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht ongeveer 17.993,2 gram van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I."
2.3. De bestreden uitspraak houdt, voor zover voor de beoordeling van de middelen van belang, in:
"De hierna als zodanig te melden inbeslaggenomen voorwerpen, die aan verdachte toebehoren, dienen te worden verbeurdverklaard en zijn daarvoor vatbaar aangezien het bewezengeachte met behulp van die voorwerpen is begaan of voorbereid.
Het hierna als zodanig te melden inbeslaggenomen voorwerp, dient te worden onttrokken aan het verkeer en is daarvoor vatbaar aangezien het bewezengeachte met behulp van dit voorwerp is begaan of voorbereid, terwijl het van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit ervan in strijd is met de wet of met het algemeen belang.
(...)
Beslissing
Het Hof:
(...)
Verklaart verbeurd de inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, van de "Lijst van inbeslaggenomen voorwerpen" die achter dit arrest is gevoegd en daarvan deel uitmaakt, te weten:
- nrs. 9 tot en met 14, 18 en 19.
Onttrekt aan het verkeer het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerp, van de "Lijst van inbeslaggenomen voorwerpen" die achter dit arrest is gevoegd en daarvan deel uitmaakt, te weten:
- nr. 15."
2.4. De aan de bestreden uitspraak gehechte beslaglijst houdt, voor zover voor de beoordeling van de middelen van belang, in:
"131.00 STK Notitie en memo Kl:wit
-
Bevat de namen [A] en [B]
141.00 STK Notitie en memo Kl:wit
-
Bevat de namen [C] en [D]
151.00 STK Koffer Kl:zwart
BENETTON
Rolkoffer."
2.5. Het vierde middel komt op tegen de verbeurdverklaring van de voorwerpen genoemd onder nr. 13 en 14 van de beslaglijst (twee notitieblokken).
2.6. In cassatie kan niet zonder meer blijken dat het Hof wat betreft het oordeel dat het bewezenverklaarde (ook) met de hiervoor onder 2.4 genoemde notitieblokken is begaan of voorbereid, heeft beraadslaagd en beslist naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting. Het Hof had in het onderhavige geval dat oordeel daarom dienen te verduidelijken.
2.7. Het vijfde middel komt op tegen 's Hofs beslissing tot onttrekking aan het verkeer van het onder nr. 15 van de beslaglijst genoemde voorwerp (een koffer).
2.8. Zonder nadere motivering, die ontbreekt, is 's Hofs oordeel dat het ongecontroleerde bezit van de koffer in strijd is met de wet of met het algemeen belang, niet begrijpelijk.
2.9. Beide middelen zijn derhalve terecht voorgesteld.
3. Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de overige middelen geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 12 juli 2011.