ECLI:NL:PHR:2017:158
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verbeurdverklaring kniptang en broodmes bij diefstal met braak
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor diefstal door braak van etenswaren en twee flesjes bier uit een schuurtje. Het hof veroordeelde hem tot twee maanden gevangenisstraf en verbeurdverklaring van een kniptang, broodmes en handschoen. De verdachte stelde cassatie in tegen de verbeurdverklaring van de kniptang en het broodmes.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd dat de kniptang en het broodmes waren gebruikt bij het plegen of voorbereiden van de diefstal. De poort was ingetrapt en beschadigd, maar dit kon niet worden toegeschreven aan de inbeslaggenomen voorwerpen. De verklaring van de verdachte dat hij de tang voor zijn werk en het mes voor eten bij zich had, werd meegewogen.
Daarnaast werd geoordeeld dat de redelijke termijn voor de cassatieprocedure was overschreden, wat volgens vaste jurisprudentie leidt tot strafvermindering. De Hoge Raad vernietigde daarom de verbeurdverklaring van de kniptang en het broodmes en gelastte teruggave aan de verdachte, en vermindert de gevangenisstraf naar eigen goeddunken. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Uitkomst: De verbeurdverklaring van de kniptang en het broodmes wordt vernietigd en de gevangenisstraf verminderd wegens overschrijding redelijke termijn.