ECLI:NL:HR:2011:BR3026
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatieberoep tegen beschikking verlening verlof op grond van Italiaans rechtshulpverzoek
In deze zaak hebben X en Y beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 6 juli 2010, waarin verlof werd verleend op grond van een Italiaans rechtshulpverzoek conform artikel 552p, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. De Hoge Raad moest beoordelen of deze beroepen ontvankelijk waren.
Volgens artikel 445 van Pro het Wetboek van Strafvordering is beroep in cassatie tegen beschikkingen slechts mogelijk in de gevallen die in dat wetboek zijn bepaald. In dit geval is er geen wettelijke bepaling die het cassatieberoep openstelt voor anderen dan het openbaar ministerie en de klager. Omdat X en Y geen klaagschrift hebben ingediend en dus niet als klagers kunnen worden aangemerkt, kunnen zij niet ontvankelijk worden verklaard in hun beroep.
De Advocaat-Generaal had reeds geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring. De Hoge Raad volgt dit advies en verklaart de beroepen van X en Y niet-ontvankelijk. De beschikking is uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren in raadkamer op 11 oktober 2011.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de beroepen van X en Y niet-ontvankelijk in hun cassatieberoep tegen de beschikking tot verlening van verlof.