ECLI:NL:HR:2012:BU4969

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 januari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/03880
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:336 BWArt. 81 RO
Verwijzingen
7 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in geschil over overdracht aandelen op grond van artikel 2:336 BW

In deze zaak staat een geschil tussen aandeelhouders centraal waarbij B.E.K. Holding een vordering tot overdracht van aandelen instelde op grond van artikel 2:336 van Pro het Burgerlijk Wetboek. De ondernemingskamer van de Amsterdamse rechtbank had op 30 maart 2010 een arrest gewezen dat relevant is voor deze procedure.

B.E.K. Holding stelde beroep in cassatie in tegen dit arrest. De verweersters in cassatie, die aandeelhouders zijn, zijn niet verschenen in de procedure. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen van de rechtbank 's-Gravenhage en het arrest van de ondernemingskamer voor het geding in feitelijke instanties.

De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen op grond van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering. De Hoge Raad volgt dit advies en verwerpt het beroep zonder nadere motivering, omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad veroordeelt B.E.K. Holding in de kosten van het geding in cassatie, welke aan de zijde van de verweersters nihil worden begroot. Het arrest is gewezen door de raadsheren Bakels, Asser en Drion en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Van Oven op 13 januari 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep van B.E.K. Holding wordt verworpen en zij wordt in de proceskosten veroordeeld.

Uitspraak

13 januari 2012
Eerste Kamer
10/03880
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
B.E.K. HOLDING B.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. R.Th.R.F. Carli,
t e g e n
1. [Verweerster 1],
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [Verweerster 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als B.E.K. Holding en [verweerster] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 261363/HA ZA 06-850 van de rechtbank 's-Gravenhage van 28 mei 2008 en 13 augustus 2008;
b. het arrest in de zaak 200.019.506 van de ondernemingskamer te Amsterdam van 30 maart 2010.
Het arrest van de ondernemingskamer is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van de ondernemingskamer heeft B.E.K. Holding beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerster] c.s. is verstek verleend.
De zaak is voor B.E.K. Holding toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO Pro.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt B.E.K. Holding in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] c.s. begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 januari 2012.