ECLI:NL:HR:2012:BV0637
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Beoordeling contractuele wederpartij bij beëindiging overeenkomst van opdracht bezorging krant
De zaak betreft een geschil over de vraag wie de contractuele wederpartij is bij een overeenkomst van opdracht voor de bezorging van de zondagkrant van De Telegraaf. Eiser stelde dat TMG zijn contractspartij was en vorderde betaling van vergoedingen en schadevergoeding voor een bril na een valincident.
De kantonrechter wees de vorderingen af omdat niet TMG maar de regionale depothouder als opdrachtgever werd aangemerkt. Het hof bekrachtigde dit oordeel en oordeelde dat eiser onvoldoende feitelijk had toegelicht dat een contractuele relatie met TMG bestond. Het hof passeerde bovendien het bewijsaanbod om getuigen te horen over de gang van zaken.
In cassatie klaagde eiser over de bewijsuitsluiting en het oordeel over de contractuele wederpartij. De Hoge Raad verwierp het beroep en bevestigde dat eiser onvoldoende had gesteld om tot bewijslevering te worden toegelaten. De Hoge Raad veroordeelde eiser in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt dat de regionale depothouder de contractuele wederpartij is en wijst het bewijsaanbod van eiser af wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing.