ECLI:NL:HR:2012:BV1912
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslagen en boeten in vermogensbelasting en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen in de vermogensbelasting opgelegd over de jaren 1992 tot en met 2000, inclusief verhogingen en boeten. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen, maar het hof vernietigde deze uitspraken, verminderde de aanslagen en boeten en sprak gedeeltelijke kwijtschelding uit.
Belanghebbende en de Staatssecretaris van Financiën stelden cassatieberoep in tegen het hofarrest, waarbij de Staatssecretaris haar beroep introk. De Hoge Raad oordeelde dat het hof bij de beoordeling van de boeten miskenning had gemaakt van eerdere jurisprudentie, met name het arrest van 15 april 2011, en vernietigde het hofarrest voor zover het ging om de verhogingen en boeten.
De zaak werd terugverwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van de relevante onderdelen van het arrest van 15 april 2011. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de Staatssecretaris tot betaling van proceskosten aan belanghebbende. Het verzoek van belanghebbende om kostenvergoeding wegens het ingetrokken cassatieberoep van de Staatssecretaris werd afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het hofarrest vernietigd voor de verhogingen en boeten, en de zaak wordt terugverwezen naar het gerechtshof.