ECLI:NL:HR:2012:BV2583
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardering serviceflat en motiveringsvrijheid hof in WOZ-zaak
Belanghebbende was eigenaar van een appartement in een serviceflat waarvoor de WOZ-waarde voor 2008 was vastgesteld op €166.000. Na bezwaar handhaafde de heffingsambtenaar deze waarde, maar de rechtbank vernietigde dit en stelde de waarde vast op €150.000. Het hof vernietigde vervolgens het vonnis van de rechtbank en stelde de waarde vast op €100.000.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar onvoldoende had bewezen dat de hogere waarde juist was, mede omdat referentiepanden geen servicecomplexen betroffen. Het hof nam aan dat de markt voor serviceflats anders is dan die voor gewone appartementen, mede door het specifieke imago en de prijsvorming.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof na bekendmaking van zijn uitspraak niet meer de motivering mocht wijzigen, behalve bij een kennelijke fout die eenvoudig te herstellen is. De gewijzigde motivering van het hof bleef buiten beschouwing. Verder bevestigde de Hoge Raad dat het waarderingsvoorschrift van artikel 17, lid 2, Wet WOZ correct is toegepast en dat het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd is.
De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en wees een veroordeling in proceskosten af. Het griffierecht werd opgelegd aan de gemeente Zwolle.
Uitkomst: Het cassatieberoep van het college wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de serviceflat wordt vastgesteld op €100.000.