ECLI:NL:HR:2012:BV3279
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt recht op aftrek omzetbelasting voor publiekrechtelijke instelling inzameling en verwerking huisvuil
Belanghebbende, een publiekrechtelijke rechtspersoon uit België, is belast met het inzamelen en verwijderen van huishoudelijke afvalstoffen. De afvalstoffen worden verbrand in een afvalverbrandingsinstallatie waarbij stoom vrijkomt die belanghebbende verkoopt. Daarnaast worden bij de verbranding bodemassen gevormd die door een Nederlandse ondernemer tegen vergoeding worden afgevoerd. Belanghebbende heeft de in rekening gebrachte omzetbelasting op deze afvoerkosten teruggevraagd, maar dit verzoek werd door de Inspecteur afgewezen.
De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het Hof vernietigde deze uitspraak en oordeelde dat belanghebbende als ondernemer moet worden aangemerkt voor de verwerking van afvalstoffen en dat de afvoerkosten van bodemassen diensten betreffen die in het kader van die onderneming zijn afgenomen. De Staatssecretaris stelde hiertegen beroep in cassatie in.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat het verwerken van afvalstoffen, inclusief het afvoeren van bodemassen, een activiteit is die in het kader van de onderneming van belanghebbende plaatsvindt. Hierdoor heeft belanghebbende recht op aftrek van de omzetbelasting. Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en het recht op aftrek van omzetbelasting voor de afvoerkosten van bodemassen wordt bevestigd.