ECLI:NL:HR:2012:BW1732
Hoge Raad
- Cassatie
- F.B. Bakels
- A.H.T. Heisterkamp
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding bij brandstichting en merkelijke schuld verzekeringnemer
In deze zaak staat de vraag centraal of Delta Lloyd Schadeverzekering N.V. gehouden is tot uitkering van een schadevergoeding na brandstichting waarbij sprake is van merkelijke schuld van de verzekeringnemer. De feiten en eerdere vonnissen van de rechtbank Amsterdam en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam zijn aan het arrest gehecht.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van eiser verworpen en het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep van Delta Lloyd buiten behandeling gelaten. De klachten van eiser leiden niet tot cassatie, mede omdat zij geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.
De Hoge Raad bevestigt hiermee dat bij brandstichting en merkelijke schuld van de verzekeringnemer de verzekeraar niet verplicht is tot uitkering. Tevens veroordeelt de Hoge Raad eiser in de kosten van het geding in cassatie. Het arrest is gewezen door de raadsheren Bakels, Heisterkamp, Drion en uitgesproken door Van Oven op 8 juni 2012.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de verzekeraar niet gehouden is tot uitkering wegens merkelijke schuld van de verzekeringnemer.