ECLI:NL:HR:2012:BW4003

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/05681
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieverzoek inzake ontheffing uit ouderlijke macht

De moeder, woonachtig te een woonplaats, heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof te Leeuwarden betreffende ontheffing uit ouderlijke macht. De zaak betrof eerdere beschikkingen van de rechtbank Assen en het hof, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming en William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering als verweerders optraden.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep behandeld en de in de middelen aangevoerde klachten beoordeeld. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (RO) oordeelde de Hoge Raad dat de klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

Daarom werd het beroep verworpen. De beschikking is gegeven door de raadsheren Bakels, Heisterkamp en Drion en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Van Oven op 15 juni 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen.

Uitspraak

15 juni 2012
Eerste Kamer
11/05681
TT/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De moeder],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes,
t e g e n
1. DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, REGIO GRONINGEN EN DRENTHE, LOCATIE GRONINGEN,
gevestigd te Groningen,
2. WILLIAM SCHRIKKER JEUGDBESCHERMING EN JEUGDRECLASSERING,
gevestigd te Diemen,
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder, de Raad en WSJ.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikkingen in de zaken 84627/ FA RK 11-223 en 85534 / FA RK 11-696 van de rechtbank Assen van 2 maart 2011 en 26 april 2011;
b. de beschikking in de zaken 200.088.357 en 200.091.203 van het Gerechtshof te Leeuwarden van 27 september 2011.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Raad en WSJ hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO Pro.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 15 juni 2012.