ECLI:NL:HR:2012:BX5576
Hoge Raad
- Cassatie
- A.H.T. Heisterkamp
- C.E. Drion
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap na echtscheiding en vergoeding privé-investering
Partijen zijn in 1985 gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. De echtgenoot heeft uit privévermogen, afkomstig uit een erfenis, geïnvesteerd in de verbetering van de echtelijke woning die tot de huwelijksgoederengemeenschap behoort. Na de echtscheiding in juni 2009 ontstond een geschil over de vergoeding van deze investering.
Het gerechtshof te 's-Gravenhage stelde het bedrag van de investering vast op € 50.000 en veroordeelde de verzoekster tot betaling aan de verweerder. In cassatie werd betoogd dat de vordering van de echtgenoot niet op de andere echtgenoot, maar op de huwelijksgoederengemeenschap zelf moest worden gericht.
De Hoge Raad oordeelt dat een betaling uit privévermogen ten behoeve van de gemeenschap een vordering op de gemeenschap oplevert, maar niet op de andere echtgenoot persoonlijk. Tevens stelt de Hoge Raad vast dat het hof buiten de grenzen van de rechtsstrijd is getreden door anders te oordelen dan partijen in hoger beroep hadden gesteld.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verstaat dat het vastgestelde bedrag van € 50.000 ten laste van de ontbonden gemeenschap moet worden vergoed, waarna de gemeenschap met inachtneming hiervan moet worden verdeeld.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en bepaalt dat de investering uit privévermogen vergoed moet worden uit de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap.