ECLI:NL:HR:2012:BX8493
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- C.B. Bavinck
- C.H.W.M. Sterk
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ongebruikelijke terbeschikkingstelling na aandelenoverdracht in camping-BV
Belanghebbende, samen met zijn echtgenote exploitant van een camping, bracht de campingactiviteiten in een BV onder, waarbij de onroerende zaken privé bleven en aan de BV werden verhuurd. Na verkoop van de BV-aandelen aan de moeder van belanghebbende, bleven belanghebbende en zijn echtgenote als bestuurders en exploitanten actief, terwijl de moeder geen werkzaamheden verrichtte.
De kern van het geschil betrof de vraag of deze aandelenoverdracht leidde tot een in het maatschappelijke verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling van de onroerende zaken in de zin van artikel 3.92, lid 3, Wet IB 2001. Zowel rechtbank als hof verwierpen het beroep van belanghebbende, waarbij het hof oordeelde dat de aandelenoverdracht onderdeel uitmaakt van het geheel van omstandigheden dat de ongebruikelijkheid bepaalt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde dat ook omstandigheden buiten de directe huurovereenkomst, zoals de aandelenoverdracht, kunnen leiden tot een ongebruikelijke terbeschikkingstelling. Het cassatieberoep werd ongegrond verklaard, waarmee de eerdere uitspraken in stand bleven.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de aandelenoverdracht leidt tot een in het maatschappelijke verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling.