ECLI:NL:HR:2013:579

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 september 2013
Publicatiedatum
3 september 2013
Zaaknummer
11/05315
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt strafoplegging en verwijst zaak terug voor hernieuwde berechting

De Hoge Raad heeft op 3 september 2013 uitspraak gedaan in een cassatieprocedure tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden. Het geschil betrof de strafoplegging aan verdachte, waarbij met name de oplegging van een werkstraf centraal stond.

De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het bestreden arrest uitsluitend wat betreft de strafoplegging en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting op dat punt. Het beroep van verdachte werd voor het overige verworpen.

De Hoge Raad oordeelde dat de oplegging van de werkstraf tegenstrijdig was met de motivering daarvan, waardoor het arrest op dat punt niet in stand kon blijven. Er waren geen gronden voor ambtshalve vernietiging van het gehele arrest.

Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest uitsluitend wat betreft de strafoplegging en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden om het hoger beroep op dat punt opnieuw te behandelen en af te doen. Het overige deel van het beroep werd verworpen.

De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

3 september 2013
Strafkamer
nr. S 11/05315
ABG/AJ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 15 november 2011, nummer 24/002909-09, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. M.J. van Weerden, advocaat te Almere, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan en tot verwerping van het beroep voor het overige.
2 Beoordeling van het tweede middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beoordeling van het eerste middel

3.1.
Het middel klaagt dat de oplegging van de werkstraf tegenstrijdig is met de motivering daarvan.
3.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.2 tot en met 3.4 is het middel terecht voorgesteld.

4.Slotsom

Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.

5.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
3 september 2013.