ECLI:NL:HR:2013:BZ2193
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens nietige betekening appeldagvaarding door ontbreken afschrift op laatst bekend adres
In deze strafzaak stond de geldigheid van de betekening van de appeldagvaarding centraal. Verdachte was in eerste aanleg gedagvaard op een adres dat hij had opgegeven, maar bij de betekening in hoger beroep werd de dagvaarding aangeboden op een ander adres waar niemand werd aangetroffen. Vervolgens werd de dagvaarding uitgereikt aan de griffier omdat geen woon- of verblijfplaats van verdachte bekend was.
Het hof oordeelde dat de betekening rechtsgeldig was, ondanks dat geen afschrift van de dagvaarding was verzonden naar het laatst bekende adres dat verdachte had opgegeven. De advocaat-generaal stelde dat de dagvaarding nietig verklaard moest worden omdat het hof niet had geprobeerd de dagvaarding op het laatst bekende adres te betekenen.
De Hoge Raad overwoog dat volgens art. 588 lid 1 aanhef Pro en onder b sub 3 Sv een dagvaarding aan de griffier mag worden uitgereikt indien geen woon- of verblijfplaats bekend is, maar dat dit niet geldt als niet is geprobeerd de dagvaarding te betekenen op het voor de hand liggende laatst bekende adres. Omdat niet bleek dat een afschrift van de dagvaarding naar dat adres was gestuurd, was het oordeel van het hof niet begrijpelijk.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verklaarde de dagvaarding in hoger beroep nietig. Dit arrest bevestigt het belang van correcte betekening en het versturen van afschriften naar het laatst bekende adres van verdachte.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig wegens onjuiste betekening.