ECLI:NL:HR:2013:BZ8160
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens verzuim beslissing op voorwaardelijk getuigenverzoek in profijtontnemingszaak
In deze cassatieprocedure stond een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel centraal, waarbij de betrokkene in hoger beroep stelde dat de hennep die hij verkocht nat was en niet droog, wat een lagere opbrengstprijs zou betekenen. De verdediging verzocht het hof om getuigen te horen die dit konden bevestigen, onder de voorwaarde dat het hof het uitgangspunt van de rechtbank volgde dat droge hennep was verkocht.
Het hof heeft echter nagelaten om uitdrukkelijk op dit voorwaardelijk getuigenverzoek te beslissen, ondanks dat de aan het verzoek verbonden voorwaarde was vervuld. Dit verzuim leidt volgens de Hoge Raad tot nietigheid van het arrest.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, zodat het hoger beroep opnieuw kan worden behandeld en afgedaan met inachtneming van de juiste procedurele beslissingen.
De zaak betreft een profijtontnemingsprocedure waarbij het hof het ontnemingsbedrag matigde vanwege medeplegen, maar het verzuim om te beslissen op het getuigenverzoek maakt het arrest onhoudbaar.
Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 23 april 2013.
Uitkomst: Het arrest van het Gerechtshof wordt vernietigd wegens het niet beslissen op een voorwaardelijk getuigenverzoek en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.