ECLI:NL:HR:2013:BZ8161

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 april 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
11/02058
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in strafzaak door Hoge Raad

In deze zaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 19 april 2011. De advocaat van verdachte heeft namens hem een middel van cassatie ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De raadsman van verdachte heeft hier schriftelijk op gereageerd.

De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering vereist, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter en de raadsheren Splinter-van Kan en Buruma, en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 23 april 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen door de Hoge Raad.

Uitspraak

23 april 2013
Strafkamer
nr. S 11/02058
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 19 april 2011, nummer 24/000223-09, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 april 2013.