ECLI:NL:HR:2013:CA2547
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens onvoldoende belang bij klacht bewijsvoering
In deze strafzaak werd de verdachte beschuldigd van diefstal van een ladder en het belemmeren van een identiteitsonderzoek. De bewezenverklaring steunde op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van aangever, verbalisanten en getuigen, alsmede het proces-verbaal van de terechtzitting.
De verdachte stelde in cassatie onder meer dat de bewezenverklaring onvoldoende was gemotiveerd en niet volledig kon worden afgeleid uit de gebezigde bewijsmiddelen. De Hoge Raad verwees naar eerdere jurisprudentie waarin is bepaald dat bij schriftuur ingediend na 1 oktober 2012 klachten over de bewijsvoering kunnen worden afgewezen als een nieuwe behandeling niet tot een andere uitkomst zal leiden.
De Hoge Raad oordeelde dat de klacht van de verdachte onvoldoende belang toekomt, omdat het verhandelde ter terechtzitting en de stukken geen aanleiding geven voor een andere uitkomst. Ook andere klachten rechtvaardigen geen behandeling in cassatie. Daarom verklaarde de Hoge Raad het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang bij de klacht over de bewijsvoering.