Uitspraak
1.Geding in cassatie
2 Beoordeling van het eerste middel
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Slotsom
5.Beslissing
16 december 2014.
Hoge Raad
De verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van verduistering gepleegd op 3 september 2009 tot een taakstraf van zestig uur, subsidiair dertig dagen hechtenis. Het hof motiveerde de straf mede op basis van een uittreksel Justitiële Documentatie waarin werd gesteld dat de verdachte eerder onherroepelijk was veroordeeld voor strafbare feiten.
De Hoge Raad oordeelde dat deze vaststelling niet zonder meer begrijpelijk was omdat het uittreksel geen steun bood voor die conclusie. Hierdoor was de strafoplegging ontoereikend gemotiveerd. Het middel van de verdachte werd gegrond verklaard.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag voor een nieuwe berechting en beslissing over de straf. Het beroep werd voor het overige verworpen.
De uitspraak werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 16 december 2014.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting.