ECLI:NL:HR:2014:411

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 februari 2014
Publicatiedatum
21 februari 2014
Zaaknummer
13/03211
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdeling huwelijksgoederengemeenschap volgens artikel 81 RO

In deze zaak staat de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap centraal. De man heeft tegen een beschikking van het gerechtshof beroep in cassatie ingesteld, waarbij de vrouw verzocht het beroep te verwerpen. De Advocaat-Generaal heeft geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen op grond van artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten van de man beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 lid 1 RO Pro is geen nadere motivering vereist omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad heeft het beroep van de man verworpen en de beschikking van het hof bekrachtigd. De uitspraak is gedaan door een kamer van raadsheren en in het openbaar uitgesproken door raadsheer G. de Groot.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en de beschikking van het hof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

21 februari 2014
Eerste Kamer
nr. 13/03211
RM/LH
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. E. El-Sharkawi,
t e g e n
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Bruning.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikkingen in de zaak 368400 / F1 RK 10/3291 van de rechtbank Rotterdam van 25 augustus 2011 en 3 juli 2012;
b. de beschikking in de zaak 200.114.387/01 van het gerechtshof Den Haag van 27 maart 2013.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De vrouw heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 lid 1 RO Pro.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
21 februari 2014.