Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het tweede middel
3.Beoordeling van het eerste middel
4.Slotsom
5.Beslissing
27 januari 2015.
Hoge Raad
De zaak betreft het beroep in cassatie van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin hij werd vrijgesproken van feit 1 en veroordeeld voor feit 2, waarbij het hof een schadevergoeding aan de benadeelde partij toekende en een schadevergoedingsmaatregel oplegde.
De benadeelde partij had een vordering ingediend voor materiële schade bestaande uit telefoonkosten en bellen naar diverse personen. Het hof kende een bedrag van €810,- toe, hoger dan de gevorderde schade, en legde een schadevergoedingsmaatregel van hetzelfde bedrag op aan verdachte.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte een hoger bedrag toekende dan gevorderd en dat de schadevergoedingsmaatregel onterecht is opgelegd voor dat bedrag. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het deze beslissingen betreft en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
Voor het overige wordt het beroep verworpen. De uitspraak is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken in openbare terechtzitting.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de schadevergoeding en schadevergoedingsmaatregel betreft en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.