Uitspraak
gevestigd te Lelystad,
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
12 juni 2015.
Hoge Raad
AIS Vliegopleidingen en [verweerder] sloten in 2008 een overeenkomst voor een geïntegreerde opleiding tot verkeersvlieger, bestaande uit vijf fases met een totaalprijs van € 97.500,-. [Verweerder] doorliep ongeveer 20 maanden fase 1 zonder succes, waarna AIS de overeenkomst ontbond wegens onvoldoende studieresultaten. [Verweerder] vorderde terugbetaling van het lesgeld voor de niet-gevolgde fases, terwijl AIS in reconventie betaling eiste voor extra begeleiding en toetsen.
De rechtbank wees beide vorderingen af, maar het hof vernietigde dit en veroordeelde AIS tot terugbetaling van € 57.050,- plus rente, gebaseerd op een waardering van de reeds geleverde prestatie (fase 1). Het hof hield geen rekening met extra begeleiding omdat AIS geen incidenteel hoger beroep had ingesteld. De Hoge Raad oordeelde dat het hof dit ten onrechte deed en dat de extra inspanningen van AIS wel meegewogen moeten worden zonder incidenteel beroep.
Verder stelde de Hoge Raad vast dat het hof ten onrechte zowel wettelijke rente als vergoeding van renteschade toekende, en dat de renteberekening moest worden aangepast aan het lagere terug te betalen bedrag. De overige klachten faalden. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof ’s-Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.