Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
6 oktober 2015.
Hoge Raad
De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 28 mei 2014 in een strafzaak. Namens verdachte heeft mr. R.W.J.L. Loonen een middel van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De raadsman van verdachte heeft hier schriftelijk op gereageerd.
De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist, omdat het middel niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noopt.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen. Het arrest is gewezen door de raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 6 oktober 2015.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen door de Hoge Raad.