ECLI:NL:HR:2015:700

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 februari 2015
Publicatiedatum
23 maart 2015
Zaaknummer
13/05847
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in strafzaak zonder nadere motivering

De verdachte, geboren in 1980 in Polen, stelde beroep in cassatie in tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 november 2013. Het cassatieberoep werd namens hem ingediend door mr. A. Boumanjal, advocaat te Utrecht.

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was, omdat het middel niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noopt.

Het arrest werd uitgesproken door de Strafkamer van de Hoge Raad op 3 februari 2015, waarbij de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan (voorzitter), N. Jörg en V. van den Brink betrokken waren. Het beroep werd verworpen en daarmee bleef het arrest van het hof in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.

Uitspraak

3 februari 2015
Strafkamer
nr. 13/05847
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 12 november 2013, nummer 21/001875-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedatum] 1980.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A. Boumanjal, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
3 februari 2015.