ECLI:NL:HR:2016:1336

Hoge Raad

Datum uitspraak
28 juni 2016
Publicatiedatum
28 juni 2016
Zaaknummer
14/02679
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 359 SvArt. 365a SvArt. 434 Sv
Verwijzingen
6 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens ontbreken bewijsmiddelen in arrest

In deze zaak heeft de verdachte cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De kern van het cassatieberoep betreft het ontbreken van de door het hof gebruikte bewijsmiddelen in het arrest, terwijl dit op straffe van nietigheid verplicht is volgens art. 359, derde en achtste lid, Sv.

De Hoge Raad constateert dat het bestreden arrest niet voldoet aan deze wettelijke eis omdat het niet de bewijsmiddelen bevat die het hof heeft gebruikt voor de bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit. Ook is geen aanvulling verstrekt zoals bedoeld in art. 365a, tweede lid, Sv.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor hernieuwde berechting, hetgeen de Hoge Raad volgt. Het beroep wordt voor het overige verworpen omdat geen andere gronden voor vernietiging zijn gevonden.

De Hoge Raad vernietigt derhalve het arrest uitsluitend voor zover het betrekking heeft op het ten laste gelegde feit en de strafoplegging, wijst de zaak terug naar het hof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, en verwerpt het beroep voor het overige.

Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens ontbreken van bewijsmiddelen en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

28 juni 2016
Strafkamer
nr. S 14/02679
LBS/LN
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 9 mei 2014, nummer 21/001807-10, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het in de zaak met parketnummer 05/514092-09 tenlastegelegde en de strafoplegging, tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2.Beoordeling van het eerste middel

2.1.
Het middel klaagt dat het Hof heeft verzuimd het verkorte arrest aan te vullen met de door het Hof met betrekking tot het in de zaak met het parketnummer 05/514092-09 tenlastegelegde feit gebezigde bewijsmiddelen.
2.2.
Bij de op de voet van art. 434, eerste lid, Sv aan de Hoge Raad gezonden stukken bevindt zich het bestreden arrest, hetwelk niet de door het Hof met betrekking tot voormeld feit gebezigde bewijsmiddelen bevat. Bij die stukken bevindt zich evenmin een aanvulling als bedoeld in art. 365a, tweede lid, Sv houdende de met betrekking tot voormeld feit gebezigde bewijsmiddelen.
2.3.
Volgens art. 359, derde en achtste lid, Sv moet een arrest op straffe van nietigheid de bewijsmiddelen bevatten, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Het bestreden arrest voldoet wat betreft voormeld feit niet aan dit vereiste en kan daarom in zoverre niet in stand blijven.
2.4.
Het middel is terecht voorgesteld.

3.Slotsom

Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat het tweede middel geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het in de zaak met parketnummer 05/514092-09 tenlastegelegde en de strafoplegging;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
28 juni 2016.