ECLI:NL:HR:2016:2870

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 december 2016
Publicatiedatum
15 december 2016
Zaaknummer
15/02408
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake terugbetaling douanerechten

Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 16 april 2015. Deze uitspraak betrof hoger beroep tegen beschikkingen van de Rechtbank Haarlem over verzoeken om terugbetaling van douanerechten.

De Hoge Raad ontving zes middelen van belanghebbende, maar deze middelen faalden op grond van de overwegingen in een gelijktijdig arrest met nummer 15/02486 (ECLI:NL:HR:2016:2758). Hierdoor werd het beroep in cassatie ongegrond verklaard.

Er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en vier raadsheren in aanwezigheid van de waarnemend griffier op 16 december 2016.

Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

16 december 2016
Nr. 15/02408
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 16 april 2015, nrs. 13/00037 en 13/00038, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nrs. AWB 07/1207 en AWB 07/4288) betreffende ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikkingen op verzoeken om terugbetaling van douanerechten.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij zes middelen voorgesteld.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen falen op grond van hetgeen is overwogen in het heden in de zaak met nummer 15/02486 uitgesproken arrest van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2016:2758), waarvan een geanonimiseerd afschrift aan dit arrest is gehecht.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren D.G. van Vliet, E.N. Punt, P.M.F. van Loon en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 16 december 2016.