ECLI:NL:HR:2017:704

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 april 2017
Publicatiedatum
18 april 2017
Zaaknummer
16/00383
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 261 SrArt. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in zaak smaadschrift en eeraanranding

In deze zaak stond de vraag centraal of het versturen van een groot aantal e-mails met de mededeling dat de aangever veroordeeld was wegens mishandeling van de partner van verdachte, kwalificeerde als smaadschrift in de zin van artikel 261 Sr Pro. Daarnaast werd de juridische betekenis van het begrip 'aanranding van de eer of goede naam' en het begrip 'ruchtbaarheid geven aan' besproken.

De verdachte stelde cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, dat hem veroordeelde. De advocaat-generaal concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat het middel geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriep.

Het arrest werd gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter en de raadsheren Splinter-van Kan en Buruma. Het beroep werd verworpen, waarmee het arrest van het hof in stand bleef.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor smaadschrift.

Uitspraak

18 april 2017
Strafkamer
nr. S 16/00383
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 23 december 2015, nummer 21/001698-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft B.J. Tieman, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 april 2017.