Uitspraak
wonende te [woonplaats],
gevestigd te Arnhem,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
29 juni 2018.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond de beroepsaansprakelijkheid van Accon AVM Belastingadvies B.V. centraal, waarbij eiser een beroep in cassatie instelde tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 februari 2017. De procedure in de feitelijke instanties omvatte meerdere vonnissen van de rechtbank Gelderland en arresten van het hof, die aan het arrest van de Hoge Raad waren gehecht.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten en jurisprudentie over zorgplicht van belastingadviseurs, waaronder HR 29 mei 2015 en HR 5 juni 2009. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie, mede omdat deze geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt eiser in de kosten van het cassatiegeding, waarbij de kosten aan de zijde van Accon zijn begroot op €2.672 aan verschotten en €2.200 voor salaris. Het arrest is gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Polak, Sieburgh en in het openbaar uitgesproken door Tanja-van den Broek op 29 juni 2018.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.