ECLI:NL:HR:2018:1587

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 september 2018
Publicatiedatum
12 september 2018
Zaaknummer
16/05648
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 310 SrArt. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in diefstalzaak laptop uit rugzak in trein

In deze zaak stond de diefstal van een laptop centraal, die uit een rugzak werd ontvreemd tijdens een treinreis op het traject Schiphol-Leiden. De laptop werd enkele uren later bij de verdachte aangetroffen. Het gerechtshof oordeelde dat de verklaring van verdachte over het verkrijgen van de laptop onaannemelijk en niet verifieerbaar was.

De verdachte stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het gerechtshof Den Haag. De Hoge Raad heeft het middel van cassatie beoordeeld en geoordeeld dat het beroep niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering noodzakelijk omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad heeft het beroep van de verdachte verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd. Hiermee blijft de veroordeling in stand voor de diefstal van de laptop uit de rugzak in de trein.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor diefstal van de laptop.

Uitspraak

11 september 2018
Strafkamer
nr. S 16/05648
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 16 november 2016, nummer 22/002770-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.T.H.M. Mühren, advocaat te Purmerend, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
11 september 2018.