Uitspraak
wonende te Rotterdam,
beide gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te Amsterdam,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
- verwerping voor zover het cassatieberoep is gericht tegen het arrest in de procedure tegen [verweerster].
- vernietiging en verwijzing voor zover het cassatieberoep is gericht tegen het arrest in de procedure tegen KAV.
3.Beoordeling van het middel
De passage ziet derhalve niet op een geval als het onderhavige, waarin de hoofdverhuurder de zaak niet terstond van de onderhuurder opeist. Zolang de hoofdverhuurder daartoe niet overgaat, behoudt de onderhuurder het feitelijke gebruik van de zaak ingevolge de onderhuurovereenkomst; van een tekortkoming in de nakoming van de verbintenis door de onderverhuurder is in zo’n geval dan ook nog geen sprake.
De overige klachten van onderdeel 1 behoeven geen behandeling.
gebruiksvergoeding toekomt op de grond dat alleen Paccar als eigenaar daarop aanspraak zou kunnen maken, art. 7:225 BW Pro heeft miskend.
4.Beslissing
23 februari 2018.