Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Slotsom
4.Beslissing
22 mei 2018.
Hoge Raad
Op 17 juli 2014 werd een fiets gestolen bij zwembad Mosaqua te Gulpen-Wittem. Verdachte wachtte op een scooter terwijl een medeverdachte de fiets meenam en achterop de scooter sprong. Het hof veroordeelde verdachte voor medeplegen diefstal op basis van deze gedragingen.
De Hoge Raad overweegt dat voor medeplegen sprake moet zijn van nauwe en bewuste samenwerking met een materiële bijdrage van voldoende gewicht. De gedragingen van verdachte, zoals wachten en scooter besturen, worden doorgaans als medeplichtigheid gezien en vereisen een nadere motivering om als medeplegen te kwalificeren.
De bewijsvoering van het hof biedt onvoldoende grond om het medeplegen vast te stellen. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.