Uitspraak
Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van het
Gerechtshof ’s‑Hertogenboschvan 20 april 2017, nrs. 15/01106 en 15/01118, op de hoger beroepen van
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) en de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant (nr. AWB 14/869) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2008 opgelegde aanslag in de vennootschapsbelasting. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
1.Geding in cassatie
2.Uitgangspunten in cassatie
.Als gevolg daarvan heeft belanghebbende in haar aangifte voor de vennootschapsbelasting voor het jaar 2008 (hierna: de aangifte) ter zake van de vorderingen geen valutaresultaten verantwoord.
Samenhangende waardering
IJzeren voorraad
Slotsom