Uitspraak
gevestigd te [plaats],
wonende te [plaats],
2.Uitgangspunten en feiten
ernstigverwijtbaar handelen als bedoeld in artikel 7:673 lid 7 sub c BW Pro.
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
17 juli 2020.
Hoge Raad
De zaak betreft de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een senior docent bewegingsleer aan een toneelschool, onderdeel van een hogeschool, wegens verwijtbaar gedrag. De docent had ondanks eerdere waarschuwingen fysiek grensoverschrijdend gedrag vertoond, waaronder een ongepaste biltik en het geven van een massage aan een studente.
De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst en stelde vast dat de docent ernstig verwijtbaar had gehandeld, waardoor hij geen recht had op een transitievergoeding. Het hof vernietigde dit oordeel over de verwijtbaarheid en kende de transitievergoeding toe, mede omdat de hogeschool onvoldoende duidelijkheid had gegeven over grenzen en onvoldoende toezicht hield.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende gemotiveerd had waarom de onduidelijkheid binnen de hogeschool en het gebrek aan monitoring relevant waren voor het oordeel over ernstig verwijtbaar handelen. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar een ander hof voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug voor nadere behandeling en beslissing over de ontbinding en transitievergoeding.