ECLI:NL:HR:2020:1512

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 september 2020
Publicatiedatum
24 september 2020
Zaaknummer
19/03452
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 116.3 SvArt. 134.2.a SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in cassatie bij beklag over teruggave auto en spullen

De zaak betreft een beklag van een passagier van een auto die werd verdacht van heling. De auto en de zich daarin bevindende spullen waren in beslag genomen, maar vervolgens teruggegeven aan een Bulgaars autobedrijf. De rechtbank Gelderland verklaarde het klaagschrift van de klager niet-ontvankelijk.

De klager stelde dat de rechtbank artikel 116, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering had moeten toepassen en het klaagschrift ontvankelijk had moeten verklaren, omdat het klaagschrift ook als beklag ex artikel 116.3 Sv moest worden opgevat. De Hoge Raad oordeelde dat deze opvatting onjuist is, omdat die bepaling ziet op beklag van degene bij wie het voorwerp in beslag is genomen.

De rechtbank had terecht vastgesteld dat de auto en de spullen onder een ander dan de klager in beslag waren genomen en dat de teruggave het beslag had beëindigd. Hierdoor kon de klager niet worden ontvangen in beroep. De Hoge Raad volgde dit oordeel en verklaarde het cassatieberoep niet-ontvankelijk.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het klaagschrift terecht niet-ontvankelijk was.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer19/03452 B
Datum29 september 2020
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland van 18 juli 2019, nummer RK 19/4626, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968,
hierna: de klager.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het cassatieberoep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de rechtbank de klager ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in zijn beklag.
2.2
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
29 september 2020.