ECLI:NL:HR:2020:2075
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt informatiebeschikking Staatssecretaris van Financiën
Belanghebbende heeft in cassatie beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant werd behandeld. De zaak betrof een informatiebeschikking van de Staatssecretaris van Financiën.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat geen vragen aan de orde zijn die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te kennen en heeft belanghebbende een termijn van vier weken gegeven om alsnog aan de informatiebeschikking te voldoen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2020.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en belanghebbende krijgt vier weken om aan de informatiebeschikking te voldoen.