Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
4.Beslissing
21 april 2020.
Hoge Raad
In deze strafzaak staat een schietincident in een Utrechtse woonwijk centraal waarbij de verdachte wordt beschuldigd van poging zware mishandeling, het voorhanden hebben van een automatisch vuurwapen, bedreiging en mishandeling. Het hof Arnhem-Leeuwarden heeft de verdachte schuldig bevonden op deze feiten.
Tijdens het hoger beroep heeft de verdediging voorwaardelijk verzocht om het horen van de onderzoekende deskundige van het NFI en een tweede onafhankelijke deskundige om het schotrestenonderzoek nader te toetsen. Dit verzoek is niet uitdrukkelijk door het hof behandeld, noch is daarop een beslissing genomen in het proces-verbaal van de terechtzitting.
De Hoge Raad oordeelt dat het niet beslissen op dit verzoek, dat valt onder de artikelen 315, 299 en 328 Sv, een schending van de procesregels inhoudt en leidt tot nietigheid van het arrest op grond van artikel 330 juncto Pro 415 Sv. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor een nieuwe berechting en afdoening.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens niet beslissen op het verzoek tot deskundigenverhoor en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.