ECLI:NL:HR:2021:1181
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Gerechtshof over onroerendezaakbelasting 2017
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 19 november 2020, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslag onroerendezaakbelasting van de gemeente voor het jaar 2017 werd behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel nader toe te lichten.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard. Hiermee is het oordeel van het Gerechtshof Amsterdam definitief bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep is ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam is bevestigd.