ECLI:NL:HR:2021:1290
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake navorderingsaanslagen inkomstenbelasting
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2010 en 2011, alsmede de daarbij opgelegde boetebeschikkingen en heffingsrente.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte middelen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Er is geen noodzaak tot motivering omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee blijft het arrest van het hof in stand en worden de navorderingsaanslagen, boetes en heffingsrente bevestigd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.