ECLI:NL:HR:2021:1540
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over aanslagen vennootschapsbelasting 2015-2016
Belanghebbende, een besloten vennootschap, maakte beroep in cassatie tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 21 januari 2020. Dit arrest bevestigde eerdere uitspraken van de Rechtbank Noord-Nederland betreffende de aanslagen vennootschapsbelasting voor de jaren 2015 en 2016, alsmede de beschikking en de belastingrente over 2015.
De Hoge Raad heeft het ingediende middel van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat dit niet tot vernietiging van de uitspraak van het hof kan leiden. De Hoge Raad zag geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven, omdat het middel geen vragen opriep die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren, en bevestigt de rechtmatigheid van de aanslagen en beschikkingen opgelegd aan belanghebbende.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende is ongegrond verklaard en het hofarrest bevestigd.