ECLI:NL:HR:2021:1890

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 december 2021
Publicatiedatum
16 december 2021
Zaaknummer
20/02650
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging arrest hof inzake onrechtmatige daad en hoofdelijke aansprakelijkheid door bedrog ex-echtgenoot

In deze zaak heeft eiseres cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 juni 2020. De zaak betreft een onrechtmatige daad waarbij een (ex-)echtgenoot derden heeft misleid, wat aanleiding gaf tot hoofdelijke aansprakelijkheid van de verweerder, Folly Group Corp.

De Hoge Raad heeft de klachten van eiseres beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

Het cassatieberoep is verworpen en eiseres is veroordeeld in de kosten van het geding, die aan de zijde van Folly Group op nihil zijn begroot. Het arrest is gewezen door de vicepresident als voorzitter en drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 17 december 2021.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer20/02650
Datum17 december 2021
ARREST
In de zaak van
[eiseres],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [eiseres],
advocaat: J.P. Heering,
tegen
FOLLY GROUP CORP.,
gevestigd te Panama-Stad, Panama,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Folly Group,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/16/411698 / HA ZA 16-203 van de rechtbank Midden-Nederland van 28 februari 2018;
de arresten in de zaak 200.239.736 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 oktober 2019 en 2 juni 2020.
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof van 2 juni 2020 beroep in cassatie ingesteld.
Tegen Folly Group is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat en mede door C.A. Bosma.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Folly Group begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op
17 december 2021.