ECLI:NL:HR:2021:794
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over precariobelasting gemeente 's-Hertogenbosch 2017
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 maart 2020, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Oost-Brabant inzake de precariobelasting 2017 van de gemeente 's-Hertogenbosch behandelde.
De Hoge Raad heeft de door belanghebbende voorgestelde middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hierdoor blijft de uitspraak van het hof ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het hofarrest bevestigd.