ECLI:NL:HR:2022:1088

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 juli 2022
Publicatiedatum
14 juli 2022
Zaaknummer
21/03892
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:435 lid 4 BWWet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
5 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake onderbewindstelling en voorkeursrecht

In deze zaak heeft verzoeker cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Amsterdam betreffende onderbewindstelling en het voorkeursrecht zoals geregeld in artikel 1:435 lid 4 BW Pro. De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken, waaronder zijn beschikking van 19 juni 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1079) en de beschikking van het hof van 22 juni 2021.

De klachten van verzoeker over de beschikking van het hof zijn door de Hoge Raad beoordeeld, maar deze klachten konden niet leiden tot vernietiging van de beschikking. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat beantwoording van de vragen niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

Belanghebbenden in cassatie, waaronder de broer van verzoeker, de rechthebbende en de bewindvoerder, hebben geen verweerschrift ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van verzoeker schriftelijk heeft gereageerd.

De Hoge Raad heeft uiteindelijk het beroep verworpen en de beschikking van het hof bekrachtigd. De uitspraak werd gedaan door de raadsheren Sieburgh, ter Heide, Schaafsma en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Wattendorff op 15 juli 2022.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bekrachtigt de beschikking van het hof.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer21/03892
Datum15 juli 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: verzoeker,
advocaat: N.C. van Steijn.
Belanghebbenden in cassatie:
1. [de broer],
wonende te [woonplaats],
2. [rechthebbende],
wonende te [woonplaats],
3. [de bewindvoerder] handelende onder de naam [A],
gevestigd te Nootdorp,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:
zijn beschikking in de zaak 19/04761 (ECLI:NL:HR:2020:1079) van 19 juni 2020;
de beschikking in de zaak 200.286.720/01 van het gerechtshof Amsterdam van 22 juni 2021.
Verzoeker heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbenden hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van verzoeker heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.H. Sieburgh, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op
15 juli 2022.