Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
15 maart 2022.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 december 2020, waarin de verdachte werd veroordeeld voor witwassen van bitcoins, medeplegen van hennepteelt, het opzettelijk aanwezig hebben van amfetamine en cocaïne, en het voorhanden hebben van een gas- of alarmpistool.
De verdachte stelde in cassatie onder meer dat uit de bewijsvoering niet blijkt dat de bitcoins van enig misdrijf afkomstig zijn en dat er geen sprake zou zijn van een nauwe en bewuste samenwerking noch van een voldoende bijdrage aan de hennepteelt. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest en dat het niet nodig was om de motivering nader toe te lichten, omdat de klachten geen vragen van belang voor de rechtsontwikkeling of rechtseenheid bevatten. Het beroep werd derhalve verworpen.
De uitspraak werd gedaan door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering op 15 maart 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep is verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden blijft in stand.